Tagarchief: SWINN

‘Park070 geeft voormalige atoom- en schuilkelder een waardevolle nieuwe bestemming’

Swinn-Unknown-6
Lees het gehele artikel

Een waardevolle nieuwe bestemming geven aan bestaand en incourant vastgoed. Dát is de maatschappelijke opgave van vandaag, waaraan SWINN  graag een bijdrage levert. In navolging van het voormalige UWV-kantoor in Den Haag en het oude Sportfondsenbad in Schiedam heeft het ingenieursbureau uit Gouda recent de constructieve mogelijkheden van de atoom- en schuilkelder onder het voormalige CBS-gebouw in Voorburg onderzocht. Op deze bestaande constructie wordt op dit moment een nieuwe, groene en zeer duurzame woonwijk gerealiseerd: Park070.

In de herbestemming van bestaand vastgoed is enorm veel mogelijk, mits op basis van originele berekeningen, tekeningen en fundatiegegevens een compleet en betrouwbaar beeld van de constructie gevormd kan worden, benadrukt Erik Verweij, projectleider bij SWINN. “In dit project was dat goed mogelijk. We zijn al in 2014 uitgenodigd om de draagcapaciteit én mogelijkheden van de bestaande kelderconstructie te onderzoeken. Verschillende uitwerkingen zijn de revue gepasseerd, waarna is besloten om de bestaande atoom- en schuilkelder van circa 12.500 m2 te handhaven en om te bouwen tot parkeerkelder, inclusief bergingen en technische ruimten. Op, half over en naast de kelder worden 250 moderne stadswoningen en appartementen van verschillende grootte gebouwd.”

De 44 meter hoge woontoren wordt op de oorspronkelijke torenfundatie van het CBS-gebouw geplaatst.

Om zeker te weten dat het draagvermogen van de paalfundering en de wapening van de bestaande kelder geschikt waren voor de realisatie van deze nieuwbouw, is SWINN het gemeentearchief in gedoken. “Uit ons onderzoek bleek dat sommige constructiedelen meer capaciteit hadden dan andere delen”, aldus Verweij. “Daarom is bijvoorbeeld besloten om de 44 meter hoge woontoren op de oorspronkelijke torenfundatie van het CBS-gebouw te plaatsen. Op de plekken met wat minder capaciteit wordt de lagere bouw voorzien.” Ook wordt een groot deel van het kelder ingericht als stadstuin, vertelt hij. “Om het gewicht van deze lagere bouw én de stadstuin te kunnen dragen, zijn op verschillende plekken versterkingen toegevoegd in de vorm van extra palen. Bovendien hebben we het constructieve ontwerp voor de nieuwbouwdelen rondom de kelder voor onze rekening genomen, zoals de nieuwe inritten en de woningen die half over en naast de kelder worden gebouwd. Uiteraard is hierbij rekening gehouden met de zettingsverschillen tussen de nieuwe en bestaande fundering.”

De woontoren wordt tussen de woningen en op hoge kolommen van 550 x 1875 mm geplaatst. “Deze kolommen zijn een knipoog naar de vroegere kolommen van het CBS-gebouw en staan op de bestaande kolommen in de kelder”, besluit Verweij. “De schijfvormige kolommen van twee en drie verdiepingen dragen het gebouw. Bovendien borgen ze de stabiliteit in dwarsrichting.”  

‘Een uitdagend ontwerp in een bijzondere bestaande constructie’

Lees het gehele artikel

De transformatie van het Haagse Stationspostgebouw naar het hoofdkantoor van PostNL had constructief de nodige voeten in de aarde. Vooral de vier tussenverdiepingen en de vele sparingen voor de installaties vereisten veel reken- en tekenwerk. De constructeurs van SWINN waren hier van ontwerp tot oplevering verantwoordelijk voor. 

“Een transformatie van dit kaliber zie je niet vaak”, zegt hoofdconstructeur Jorick van Otterloo van SWINN. “Alles kwam hier samen. We hadden te maken met een bijzondere bestaande constructie en een uitdagend nieuw ontwerp. Bovendien is het Stationspostgebouw een rijksmonument. Binnen deze context zochten we in nauwe samenwerking met de architect, installateur en bouwfysisch adviseur naar de optimale oplossing.”

Complexe studie

Bijzonder aan het bestaande betoncasco zijn de betonnen boogconstructie van het dak en de geslingerde kolommen. Deze kolommen zijn tijdens de productie rondgedraaid en hebben een hoge betonkwaliteit. Ook is hoogwaardig wapeningsstaal toegepast. Van Otterloo: “Het doorgronden van de bestaande constructie was een complexe, maar interessante studie waarbij we in de huid van de oorspronkelijke constructeur kropen. Hoe heeft hij de constructie destijds berekend? Welke rekenregels gebruikte hij? En hoe interpreteren we die met de huidige rekenregels? Om een betrouwbaar beeld te verkrijgen, rekenden we vrijwel alle constructieve elementen afzonderlijk door. Ook namen we op elke verdieping verschillende steekproeven naar onder andere de betonsterkte.”

De nieuwe tussenvloeren worden ondersteund door de bestaande kolommen en nieuwe stalen kolommen.

Extra draaglijnen

“De uitdaging van het nieuwe ontwerp lag vooral in het toevoegen van de vier tussenvloeren binnen de dubbelhoge verdiepingen van het zuidwestelijke bouwdeel”, zegt projectleider Erik Verweij van SWINN. “Dit in combinatie met de vele installaties die aangebracht moesten worden, om aan de klimaattechnische wensen en eisen te voldoen. Hoe breng je dat samen, met respect voor het historische karakter en zonder esthetische concessies te doen? Een belangrijke oplossing is dat we aan de oorspronkelijke draagstructuur nieuwe draaglijnen toevoegden. De nieuwe tussenvloeren worden ondersteund door de bestaande geslingerde kolommen en nieuwe, slanke kolommen van staal. De extra belasting op de bestaande kolommen is hierdoor beperkt. Bovendien konden we de verdiepingsvloeren (staalplaatbetonvloeren) slank uitvoeren en voorzien van de nodige sparingen voor de installaties. Ook in de draagbalken, die door de extra draaglijnen minder belast worden, brachten we sparingen aan.”

één team

Met de oplevering achter de rug kijkt SWINN terug op een intensief, maar onvergetelijk project. “Van dit soort gebouwen gaat een constructeurshart sneller kloppen”, zegt Van Otterloo. Verweij: “Om dit huzarenstukje te realiseren, werkten we met alle betrokken partijen als één team samen. Iedereen wilde het beste voor dit gebouw en daar zijn we met elkaar in geslaagd.”   

Van kantoorpand naar appartementengebouw

UWV-4
Lees het gehele artikel

In de transformatie van gebouwen is enorm veel mogelijk, mits op basis van de originele berekeningen, tekeningen en fundatiegegevens een compleet en betrouwbaar beeld van de constructie gevormd kan worden. Dat bewijst ingenieursbureau SWINN bij de transformatie van het voormalige UWV-kantoor in Den Haag tot een hoogwaardig en duurzaam appartementencomplex.

Tekst | Lieke van Zuilekom   Beeld | Slokker Bouwgroep

“Voorafgaand aan de koop hebben wij een kort vooronderzoek gedaan naar de technische mogelijkheden van de gebouwblokken”, vertelt Erik Verweij, projectleider bij SWINN. “Vervolgens hebben wij in opdracht van Amvest Development Real Estate het onderzoek verder uitgediept. We hebben berekend of de (deels overkapte) technische ruimtes op de bovenste verdiepingen verwijderd konden worden, om plaats te maken voor twee nieuwe woonlagen. Daarbij hebben we nadrukkelijk rekening gehouden met de nieuwste normen én het Programma van Eisen van onze opdrachtgever. Amvest wilde geen lichtgewicht constructies maar solide gebouwen met stevige, liefst betonnen vloeren. Dit was om meerdere redenen goed haalbaar. Allereerst bleken de drie bouwblokken uit de jaren ’70 ontworpen met voldoende reservecapaciteit in de constructie. Daarnaast lagen de vloerbelastingen van de kantoorfuncties wat hoger dan de huidige woningbouwbelastingen. Bovendien heeft het gebouw zich al bewezen, waardoor de constructieve normen ruimte bieden om wat meer capaciteit aan de constructie toe te kennen.” SWINN heeft alle neutrale zones in de verdiepingsvloeren in kaart gebracht, zodat bijvoorbeeld sparingen voor de ventilatiekanalen gemaakt konden worden. Voor de overige sparingen zijn alle vloeren gecontroleerd. Waar nodig is de constructie hersteld en verstevigd met lijmwapening.

In het ontwerp van PBV Architects en Klunder Architecten zijn de gevels van de gebouwblokken tot op het casco gestript en opnieuw opgebouwd. “De onderste laag met metselwerk kaders wordt opgevangen door de bestaande draagstructuur, met lokaal een constructieve aanvulling”, aldus Verweij. “Daarboven is gekozen voor gevelbeplating, waarmee gewicht wordt bespaard.” Aanvankelijk waren alle gebouwblokken verbonden middels een kantoorbrug op de 2e en 3e verdieping. “Tussen de gebouwblokken 1 en 2 is deze verbinding verwijderd. De verbinding tussen de blokken 2 en 3 is juist uitgebreid, door op de begane grond en eerste verdieping appartementen toe te voegen. Hierdoor is een U-vormig woonblok ontstaan. Alle gebouwgevels zijn voorzien van balkons, die helaas niet ondersteund konden worden door de vloerranden. In plaats hiervan zijn de balkons zelfdragend uitgevoerd. Alle balkons hebben een directe afdracht naar het parkeerkelderdek of zijn opgehangen aan de nieuwe bouwlaag. Onder het parkeerkelderdek is een stalen opvangconstructie toegevoegd, die de belastingen verder afdraagt naar de bestaande constructie.”