02:22
13-03-2015

Thema | brandveiligheid

Naar total cost of ownership
Of het nu afbouw voor de retail of duurzame transformaties betreft: de gebruikseisen zijn hoog. Zoals op het gebied van brandveiligheid, waardoor doorontwikkeling van bouwproducten aan de orde van de dag is. “Als zelfstandig producent van prefab wanden en plafonds is Faay al jaren in staat gebleken maatwerk te leveren met duurzame producten – getest volgens de laatste normen, met moderne marktbenaderingen als total cost of ownership als uitgangspunt. Kwaliteit wint altijd”, zegt directeur Monique de Vos-Faay.

Het doorontwikkelen van producten als de bekende ‘Faay-wand’, de scheidingswand op basis van vlasscheven en gips, is voor de firma uit Vianen dagelijks werk, vertelt De Vos-Faay, met broer Mark de tweede generatie Faay aan het hoofd van het door vader Cees opgerichte bedrijf. “Productontwikkeling zit in het dna van Faay. De markt kent ons als flexibele partner die kant-en-klare, modulaire producten op maat aanlevert, maar wij willen ook vooroplopen als het gaat om regelgeving – op alle vlakken. Toen de tilnormen werden aangescherpt hebben wij bijvoorbeeld de breedtemaat van de panelen verkleind. Hierdoor nam het totaal aantal panelen toe, waardoor het dichten van naden in de montagefase extra aandacht vroeg. Hiervoor hebben wij een speciale montagelijm in huis, die een goede dichting garandeert, met een lijmkop die precies aansluit op de montagemethode. Dit lijkt een detail, maar is het voor ons niet. De onderscheidende kracht van Faay-producten is dat zij door elke professionele opdrachtgever kunnen worden gemonteerd, en een integrale productenlijn zorgt voor de gewenste kwaliteit.”

Vlasscheven als basis
“Dat geldt zeker ook voor brandveiligheid”, vult technisch adviseur Teus Kleijn aan. Kleijn begeleidt de brandveiligheidstesten bij Faay, doorgaans uitgevoerd bij Efectis. “Brandveiligheid is een belangrijk onderdeel van ons werk, want elk nieuw producttype moet apart getest worden. En de regelgeving op het gebied van brandveiligheid wordt continu aangescherpt.” “Wij werken met een basisplaat gemaakt van vlasscheven”, vervolgt De Vos-Faay. “Vlas is een textielproduct, voornamelijk gewonnen in de ons omringende landen, en vlasscheven zijn daarvan een restproduct waardoor de productie zeer duurzaam is. Uit tests blijkt bovendien dat de basisplaat van vlasscheven sterk en weinig brandbaar is.” Zo werd voor de woningscheidende wand IW200 de 130-minutengrens gehaald. Kleijn: “Dit is uiteraard een dubbele wand, opgebouwd met steenwol en voorzien van een spouw, maar de eerste wand van 70 millimeter dik hield 85 minuten stand aan de ovenzijde van de testruimte. Niet alleen valt deze woningscheidende wand in de brandklassen E120, EW120 en EI120, wij houden ook nog eens een ruime marge aan.”

Prefab constructies
In combinatie met het ‘extreem brandveilige’ 2resist® plafond kan de genoemde woningscheidende wand een doosconstructie vormen met een brandwerendheid van 120 minuten, aldus Faay. De brandveiligheid van de totale constructie wordt steeds belangrijker, ook in de normstelling, die steeds ‘Europeser’ wordt en daarmee zwaarder. “Daarom testen wij onze producten nu volgens de Europese norm EN 1364-1.”  De Vos-Faay: “Het grootste deel van onze producten leveren wij aan op de bouwplaats als onderdeel van een modulair systeem, maar in onze bedrijfshal worden tegenwoordig ook complete sanitaire ruimten prefab opgeleverd. Een afbouwpartij wordt nog weleens gezien als sluitpost in de begroting, maar dat is wat ons betreft iets van het verleden. Steeds meer opdrachtgevers gaan over op total cost of ownership, en nu het gebruik van BIM steeds meer gemeengoed wordt, zien alle partijen vanzelf dat investeren in kwaliteit op termijn het meest oplevert.”

Het verschil maken
Faay juicht de normontwikkeling op het gebied van brandveiligheid dan ook toe. “Wij moeten als producenten allemaal mee in deze ontwikkeling. Wij exporteren veel, en zijn dus gewend te voldoen aan strenge eisen. Niet voor niets is de Faay-wand naast een merknaam ook een begrip in de bouwwereld”, vervolgt Monique de Vos-Faay. “Voor verschillende typen opdrachtgevers, van IKEA en Jumbo tot een particulier die een monumentale stoomwasserij restaureert. Wij hechten grote waarde aan vaste relaties, maar schuiven net zo lief aan in de projectorganisatie van partijen waarmee wij nog niet eerder samenwerkten. Een hechte club mensen met veel ervaring in maatwerksituaties kan – uiteraard met een kwaliteitsproduct achter de hand – overal het verschil maken.” Als je vroeg aan tafel zit met de juiste mensen worden de faalkosten laag gehouden, is het argument. “Wij moeten als bouwpartners opdrachtgevers – bijvoorbeeld schoolbesturen en zorgorganisaties – ervan weten te overtuigen dat de total cost of ownership-benadering ook betere en veiligere gebouwen oplevert.”

Stedenbouw partners